maandag 14 oktober 2013

Als sluiers vallen: vrouwenportretten

Inleiding


Er is de laatste jaren al veel te doen geweest rond de hoofddoek. Zelden heeft een kledingstuk zoveel commotie veroorzaakt. Allerlei politici, theologen en andere zelfverklaarde deskundigen gaven er hun uiteenlopende mening over. Dit resulteert in een oneindig getouwtrek tussen voor en tegenstanders. Als toekomstig leraar in deze multiculturele samenleving zal ook ik omringd worden door leerlingen met diverse achtergronden. Heel erg verademend vind ik zelf, maar ik heb reeds gemerkt dat er in sommige klassen toch sprake is van intolerantie, vooral uit onwetendheid volgens mij. Ik wil zelf openstaan voor andere culturen en me cultureel verrijken zodat ik daar in de klas ook beter kan op inspelen. Ooit zal ik in de klas geconfronteerd worden met het hoofddoekendebat, daar ben ik vrij zeker van. Als er dan een discussie ontstaat, waarbij leerlingen hun gedachten mogen laten vloeien, wil ik dit graag op een respectvolle manier kunnen begeleiden. Ik zou dan liever zelf wat sterker in mijn schoenen staan, en dat is niet makkelijk. Zo vind ik het voor mezelf al moeilijk om de nuance te vinden, te midden van al die heisa en tegenstrijdige berichtgeving in media. De ‘gewone’ moslima wordt immers te weinig aan het woord gelaten waardoor je eigenlijk niet weet wie die vrouwen zijn, die achter deze hijab’s schuilgaan... Waarom kiezen ze er eigenlijk voor om een hoofddoek te dragen? Ik heb het geluk een ‘gesluierde’ moslima te kennen, die daar zelf bewust voor gekozen heeft. Daarom ben ik al wat verheven uit mijn onwetendheid en associeer ik de hoofddoek niet meer rechtstreeks met onderdrukking. Toch voel ik dat mijn kennis nog enigszins te beperkt is en daarom hoop ik met dit boek mijn visie op deze kwestie verder te kunnen verbreden. Een doekje kan immers de denkwereld van haar draagsters tot onmogelijk tot één brij gedachten kneden? Ik hoop met dit boek te weten te komen hoeverre er diversiteit is onder de hoofddoek of dat er eerder wederkerende patronen zijn...

Nadia Dala gaat in haar boek dan ook op zoek naar de verschillende beweegredenen van moslimvrouwen om de hoofddoek al dan niet te dragen. Niet met het oog op een defensief betoog, maar gewoon in alle rust, zonder tijdsdruk en vooropgestelde visies van goed of kwaad of van heersende trendy denkpatronen.
De auteur Nadia Dala
Nadia Dala, dochter van een Vlaamse moeder en Marokkaanse vader, is televisiemaker, journaliste en schrijfster. Ze studeerde Arabistiek en Islamkunde, onder andere in Caïro. Bij haar terugkeer in België werkte ze als fulltime journaliste voor De Morgen en nadien De Standaard. Vervolgens ging ze aan de slag bij de VRT, waar ze cultuurprogramma’s presenteerde en tevens het diversiteitbeleid opstartte. In 1995 schreef ze ook, samen met Wim de Neuter, het boek ‘Allah weent om Algiers’, over de opkomst van het fundamentalisme in Algerije. Met het boek ‘ als sluiers vallen’ is Nadia duidelijk niet aan haar proefstuk toe.

Bespreking van het boek

Het boek brengt de verassende portretten van tien vrouwen, die afgezien van de controversiële hijab, weinig met elkaar gemeen hebben. Aan de ene kant overtuigde, zelfs fundamentalistische moslima’s die de koran als hun hoogste goed beschouwen en aan de andere kant jonge moslimvrouwen die zich in weerwil van hun religieuze of familiale banden vrij voelen en zelfstandig handelen.

Farah

De eerste verassende getuigenis is die van Farah, een studente die van de ene op de andere dag uit eigen beweging besluit de hoofddoek te dragen. Ze was op zoek naar een houvast, naar haar eigen identiteit, en die vond ze in een striktere beleving van de islam.  Ze beschrijft haar 'oude zelf' immers al een lege doos.
‘ Mijn poppetjesimago was schijn, vanbinnen begon het te knagen’. Wie ben ik en waartoe dient het allemaal: dit leven god, de anderen, ... ik wist het niet meer.’ Mijn vrienden waren ook allemaal de kluts kwijt. Daarom keek ik op naar gelovigen mensen, echte islamieten: sterk, zeker van hun stuk, oprecht gelukkig met een aura van positieve vibes'.

Haar getuigenis maakt komaf met de stelling dat alle meisjes de hoofddoek beginnen te dragen onder druk van hun familie. In het geval van Farah ( en ook bij andere getuigenissen), is de familie zelf eerder terughoudend. Volgens Farah komt dat omdat de generatie van hun ouders hun geloof soms oppervlakkiger beleven, omdat ze nooit over de existentiële essentie van het leven en de Islam hebben geleerd.
De Islam versterkt voor Farah haar identiteit en schenkt haar innerlijke vrede.
Dat zoeken naar zingeving en houvast in deze postmodernistische tijden, vind ik zeer herkenbaar.  Moraal, waarden en normen lijken in onze samenleving soms wel op drift, en dan is het begrijpelijk dat iedereen voor zichzelf zoekt naar een houvast.
Naar aanleiding van Farah' s getuigenis waarin ze het ook heeft over het onbegrip waarop ze stuit in de schoolcontext vanwege haar hoofddoek, neem ik de regels omtrent hoofddoeken en het onderwijs even onder de loep.
 

Verbod op religieuze symbolen op school

za 02/02/2013 - 08:18 Vanaf volgend schooljaar mag niemand in het gemeenschapsonderwijs nog levensbeschouwelijke tekens dragen. Dat heeft de raad van bestuur beslist, melden De Standaard en Het Nieuwsblad.

Drie jaar geleden voerde het gemeenschapsonderwijs al een algemeen verbod voor religieuze symbolen in. Vier burgers vochten het verbod aan bij de Raad van State, maar hun klachten werden afgewezen omdat de betrokkenen geen belang konden aantonen.

De raad van bestuur van het gemeenschapsonderwijs heeft nu beslist dat het verbod algemeen in alle scholen ingevoerd wordt. Er komt een rondzendbrief om de maatregel uit te leggen, er komt ook een overgangsperiode.

Het verbod houdt in dat niemand bijvoorbeeld een hoofddoek mag dragen, maar ook geen keppel of tulband. De maatregel geldt voor leerlingen, leerkrachten en ander personeel. De enige uitzondering zijn de godsdienstlessen en de activiteiten die daarmee verband houden.

"We willen binnen onze scholen pluralisme en openheid mogelijk maken, daarom hebben we het verbod ingevoerd", zegt Raymonda Verdyck, afgevaardigd bestuurder van het gemeenschapsonderwijs. "Er waren behoorlijk wat spanningen. De focus lag niet meer op het school lopen en de schoolloopbaan. Heel veel debatten in de scholen gingen over het levensbeschouwelijke. Doordat het symbool niet meer in de scholen terug te vinden is, stellen we vast dat er weer op basis van openheid en gelijkwaardigheid gepraat wordt."

Al meer dan 80 procent van de gemeenschapsscholen heeft uit eigen beweging het verbod al ingevoerd

Bron: www.deredactie.be
In het gemeenschapsonderwijs mag vanaf dit schooljaar dus niemand meer religieuze symbolen dragen. Veel scholen hadden trouwens al reeds uit eigen initiatief een hoofddoekverbod ingesteld.
In het stedelijk en vrij onderwijs komt er echter geen verbod, zij verwijzen naar het pedagogisch project van elk schoolbestuur.
Er zijn zowel pro en contra’s verbonden aan een hoofddoekverbod. Hieronder lijst ik ze op:
PRO
  1.  Zelfs in de moslimgemeenschap is er onenigheid over of de Koran het dragen van een hoofddoek verplicht of niet. Er zijn ook moslims die zeggen dat als de wet hoofddoeken niet toelaat, een moslima haar hoofddoek moet afleggen.
  2. Door een hoofddoekenverbod in te voeren, worden scholen weer echt pluralistisch. Iedereen voelt er zich welkom, niet alleen praktiserende moslima’s. Door de hoofddoek buiten de schoolmuren te houden, breng je gelijkheid weer binnen. Als niemand een hoofddoek draagt, ziet iedereen er weer hetzelfde uit. De nadruk ligt op overeenkomsten in plaats van op verschillen.
  3. Door de hoofddoek te verbieden, vermijd je dat meisjes door vrienden onder druk worden gezet om hem te dragen zonder dat ze dat eigenlijk willen. Je maakt een einde aan de peer pressure.
  4. Door de hoofddoek te verbieden, bescherm je meisjes die door hun streng islamitische vaders of broers verplicht worden om hem te dragen. Je geeft hen zo op school wat ademruimte.
  5. De hoofddoek is steeds meer een politiek symbool geworden, en niet alleen meer religieus. Het is de uiting van een groep mensen die zich afzetten tegen de rest van de samenleving.
  6. De hoofddoek heeft met gelijke onderwijskansen te maken. Als aanvaard wordt dat het niet mag, wordt hij ook gemakkelijker afgelegd. Zo hangt de schoolkeuze niet af van het al dan niet mogen dragen van een hoofddoek.
  7.  Een algemeen verbod is duidelijk. Het brengt geen scholen in moeilijkheden en vermijdt protestacties voor de schoolpoort.
  8.  Meisjes die hun hoofddoek afleggen vanwege een verbod op school, zullen gemakkelijker hetzelfde doen in een werksituatie. Dat verhoogt hun kansen op de arbeidsmarkt aanzienlijk.
  9.  Een pet mag ook niet in de klas. Een hoofddoek bijgevolg ook niet.
  10. De hoofddoek is een vorm van de onderdrukking van de vrouw. Vrouwen in onze samenleving hebben te hard gestreden om nu opnieuw te worden onderdrukt. 
  11.  Scholen moeten hun neutraliteit kunnen bewaren. De hoofddoek is niet neutraal

 CONTRA
  1. Het is een religieus symbool. Om een vrome moslima te zijn, moet je een hoofddoek dragen, zo stelt de Koran. En in ons land is er vrijheid van godsdienst.
  2. Onze gemeenschap is multicultureel. Als je de hoofddoek op school verbiedt, bereid je jongeren niet voor op de multiculturele samenleving waarmee ze sowieso te maken zullen hebben.
  3. Jongeren moeten leren eigen keuzes te maken. Door de hoofddoek niet te verbieden, wapen je jonge mensen om op een zelfbewuste en assertieve wijze hun eigen keuzes te maken. Zo worden het mondige en geëmancipeerde burgers.
  4. Vrouwen en meisjes moeten zelf kunnen beslissen of ze wel of niet een hoofddoek dragen. Een hoofddoekenverbod is een beknotting van dat zelfbeschikkingsrecht.
  5.  Een algemeen hoofddoekenverbod duwt moslims naar moslimscholen. Dat is geen goede zaak voor de integratie. Bovendien zullen moslims en niet-moslims zo nog meer uit elkaar groeien.
  6.  Een verbod op hoofddoeken zet een rem op emancipatiekansen van meisjes met een hoofddoek. Hun recht op onderwijs wordt beperkt en dus ook hun kansen op werk krimpen in.
  7. Voor veel meisjes is de hoofddoek dragen een deel van hun identiteit ontwikkelen. Net zoals vestimentaire uitingen van jeugdculturen, bijvoorbeeld. Daar is niets schadelijks aan. Jongeren lopen ook met pinnen in hun hals rond. Het is maar een fase, maar wel een waar die meisjes recht op hebben.
  8. Door de hoofddoek te verbieden, wordt het een strijdpunt, een symbool waar om gestreden moet worden. Terwijl het uiteindelijk maar een stukje stof is.
  9.  Een verbod werkt radicalisering in de hand. Meer gematigde moslima’s die de nood niet voelden om een hoofddoek te dragen, beginnen er door het verbod wel een te dragen.
  10.  Een verbod bevordert de maatschappelijke intolerantie omdat het de boodschap geeft dat een hoofddoek iets slechts is.
  11. Wat met de Sikhs? Zij kunnen hun tulband niet afzetten. Niemand voelt zich door hen onder druk gezet of bedreigd, maar hun tulband is toch ook een religieus symbool?


Redelijke argumenten aan beide kanten dus. Niet eenvoudig om tot één conclusie te komen. Ikzelf heb persoonlijk geen probleem met de hoofddoek. Als iemand er uit vrije wil voor kiest, dan is dat prima, in ons land is er immers godsdienstvrijheid. Ik vind het echter moeilijk om me uit te spreken over het hoofddoekenverbod op school. Aan de ene kant begrijp ik dat de neutraliteit van het onderwijs gerespecteerd dient te worden, maar nu ik meer heb geleerd over de beweegredenen van moslima’s zie ik in dat er toch ook vaak uit eigen wil voor gekozen wordt. Als er toch sprake zou zijn van onderdrukking, zal dit niet opgelost worden met een verbod. Het onderliggende probleem wordt daarmee niet aangepakt. Gemeenschappen, maatschappij en scholen zouden zich dan openlijk moeten verzetten tegen zulk negatief gedrag( het onderdrukken).

Een extra weetje: in Nederland zijn hoofddoeken wel toegelaten in het onderwijs.


De boerka en de niqaab zijn een heel ander verhaal. Door de niqaab/boerka zijn de dragers niet langer identificeerbaar, wat gevaarlijk kan zijn voor de veiligheid en de openbare orde. Velen zien het ook als discriminerend en een aanval op de westerse democratische waarden. Het maakt integratie in de maatschappij haast onmogelijk. In België is het daarom ook verboden om een niqaab of boerka in het openbaar te dragen. Met bovenstaande redenen in het achterhoofd ( veiligheid primeert) kan ik dit verbod begrijpen.



Wat is het verschil tussen een boerka en een niqaab?


De boerka is een Afghaans kledingstuk dat de vrouw volledig bedekt. Het gaasje voor de ogen moet de vrouwen toelaten ( een beetje) te kijken.




Bij de niqaab zijn de vrouwen ook volledig afgedekt, maar behouden ze toch nog een kijkspleetje voor de ogen.







 Khadija

Khadjia, een van de getuigen uit het boek denkt hier anders over. Zij is drager van de niqaab en oppert voor een volledige segregatie tussen man en vrouw. Zo weigert ze met haar schoonbroer in één ruimte te zitten, al is het maar om elke verleiding te voorkomen.
‘Mannen en vrouwen mogen elkaar niet aankijken, dat is des duivels’ zeg ze. Opvallend is dat ook hier de man helemaal niks met haar keuze te maken heeft, integendeel Khadjia heeft een heel gevecht moeten leveren om hem te mogen dragen. Waarom draagt ze hem dan wel? Het is volgens Khadija een vorm van aanbidding, de hoogste trap in haar geloof; ze volgt naar eigen de koran. Toch slaagt ze er niet in te verwijzen naar de koranverzen die zouden aangeven dat vrouwen zich verplicht volledig moeten bedekken. Islamgeleerden blijken het zelfs lang niet eens te zijn over het dragen van de niqaab. Khadija volgt in haar geval de richtlijnen van een sjeik.

Miriam


Erg onder de indruk was ik van Miriams getuigenis. Zij is een echte survivor, die al voor heel wat hete vuren stond in haar leven. Ze werd mishandeld door haar familie en tegen haar wil uitgehuwelijkt op haar zestiende.
Ze omschrijft haar vroegere thuissituatie alsvolgt:

Thuis was het WOII, iedere dag. Ik was een hoer. En die verdient het om afgetroefd te worden. Iemand van mijn familie nam een basebalknuppel en gaf me een klap. Intussen greep mijn moeder mij vast. Het leek of ze me wou wurgen. Ik verloor bijna het evenwicht, strompelde naar buiten en liep zo hard ik kon. Mijn trommelvlies was beschadigd, ik zag bont en blauw en mijn kleren waren gescheurd.
 


Miriams verhaal blijkt geen alleenstaand geval. Dat blijkt uit het succes van de Franse feministische organisatie 'Ni putes, ni soumises', die ijveren voor meer zelfbeschikkingsrecht voor allochtone vrouwen.

Uiteindelijk lukt het Miriam zich los te rukken van haar familie. Inmiddels is ze tien jaar gelukkig met haar Belgische vriend en volgt ze een piloteopleiding. Miriam heeft zicht altijd verzet tegen het dragen van de hoofddoek, ook al stond ze onder familie druk. Zelf heeft ze naar eigen zeggen geen problemen met gesluierde vrouwen, maar ze vindt dat een hoofddoek de draagster buiten de gemeenschap plaats.
 ‘De gemeenschap en arbeidsmarkt heeft zijn eigen regels, die moet je respecteren: stel je voor een pilote met een doekje in de cockpit, dat is al even absurd als ambtenaren met een hoofddoek’ zegt Miriam'.
In de politieke wereld is er onenigheid rond het al dan niet opleggen van een hoofdoekverbod voor ambtenaren. Tot nu toe is er nog geen algemene Vlaamse richtlijn die neutraliteit oplegt aan ambtenaren van de Vlaamse overheid of aan ambtenaren van de Vlaamse steden en gemeenten. Er is wel het gemeentedecreet dat voorziet dat de gemeenten zelf bevoegd zijn voor deze kwestie.


Soumeya


Bedenkelijk is de getuigenis van de veertigjarige Soumeya. Zij pleit voor een aparte moslimzuil met eigen islamitische ziekenhuizen, scholen en rechtbanken. Eigenlijk wil ze geen deel meer uitmaken van de westerse maatschappij, maar streeft ze naar een vorm van apartheid. Soumeya vindt dat er tolerantie noch democratie is België. Zo wordt ze door het dragen van de hoofddoek, een religieuze plicht in haar ogen, scheef bekeken.
Verontrustende getuigenis als je het mij vraagt. Net door veelvuldig in contact te komen met verschillende culturen verdwijnt volgens mij die onverdraagzaamheid en leren we elkaar te respecteren. Onbekend is toch onbemind?


Het boek verduidelijkt bij deze kwestie nog enkele begrippen


Islamitisch fundamentalisme. Hier zijn vele definities voor. In het algemeen wordt het beschouwd als een beweging in de islam die zich terugplooit op de fundamenten van de Islam, met name de koran en de soenna. Tradtionele islamitische rechtsscholen worden dus geweerd. In deze beweging interpreteren gelovigen de tekst van de koran letterlijk. Maar deze interpretatie kan radicaal of gematigd zijn, dus reactionair of modernistisch.


Islamisme: Islamisten gaan religie instrumentaliseren vanuit politieke doeleinden. Een islamist wordt algemeen omschreven als een fundamentalist die zich bezighoudt met politieke actie en met de economie. Binnen het islamisme vind je dan weer een brede waaier van strekkingen. Het waardesysteem kan variëren van modern tot conservatief. Ook de methodes verschillen: er zijn revolutionaire en sectaire groeperingen. En er zijn zowel pacifisten als mensen die naar wapens grijpen.

In Europa wonen naast de grote meerderheid gematigde moslims ook islamitische fundamentalisten en islamisten. En sommigen onder hen verwerpen de westerse waarden en normen.


Sharia is het Arabische woord voor de islamitische wet of de wet van God en betekent letterlijk 'weg naar de bron'


Touria

De laatste getuigenis die me bijbleef is die van de vijfendertigjarige Touria.
Touria kwam los van het ouderlijke gezag en koos voor een eigen leven, zonder evenwel de banden met haar familie volledig door te hakken. Zo draagt ze de hoofddoek af en toe in het bijzijn van haar ouders als teken van respect. Bij vrienden en op het werk zet ze hem niet op. Touria is vrijwilligster in een jeugdhuis voor allochtone jongeren. Haar getuigenis gaf me nieuwe inzichten omtrent de zogenaamde’ allochtone probleemjongeren’. Aanvankelijk moet ik toegeven dat ik weinig sympathie had voor deze probleemzoekende amok makende jongeren, maar zijn schijnt een andere licht op de situatie. Volgens Touria hebben veel allochtone jongeren geen vertrouwen meer in het systeem, want ze geloven niet meer dat ze een kans maken in onze maatschappij. Ze hebben geen hoop dat ze een job zullen vinden of dat iemand werkelijk geïnteresseerd is in wat zij denken.’ En dan gaat het licht uit in hun hoofd’ volgens Touria. Deze jongeren hebben nood aan degelijk onderwijs waarin ze zoveel mogelijk gestimuleerd worden en ook de mentaliteit van de arbeidsmarkt dient te veranderen. Volgens Touria is een verband tussen deze problematiek en de toename van de hoofddoek. Moslims zouden steeds minder gaan geloven in onze maatschappij en waarden, en dan als vorm van protest, eerder dan uit religieuze redenen, de hoofddoek gaan dragen

conclusie

Het boek geeft geen eenduidig antwoord op het hoofddoekdebat. Enerzijds zijn de meningen van de getuigen uiteenlopend, wat toont dat binnen de moslimwereld ook heel wat verscheidenheid aan opvattingen bestaat. Dit boek verschaft de nodige nuance, wat helpt om respect op te brengen voor de gedachtegang van anderen. Anderzijds zijn het levensverhalen van vrouwen die ergens allemaal zoeken naar zingeving en houvast, en dat is universeel
Nadia Dala formuleert het zelf zo treffend:’  de hoofddoek an sich is géén verhaal. Het zijn er vele...’
De betekenis en waarde van de hoofddoek is voor iedereen persoonlijk.